“Twee dingen zijn oneindig: het heelal en de menselijke domheid; en over het heelal ben ik nog niet zeker.”
Albert Einstein
Aan de ene kant staat AI – Artificial Intelligence.
Aan de andere kant MD – Menselijke Domheid.
Het zijn natuurlijk geen echte tegenpolen. AI is tenslotte door mensen gemaakt. Maar toch voelt het alsof er iets vreemds aan de hand is: terwijl machines steeds intelligenter worden, lijkt een deel van de mensheid steeds hardnekkiger vast te houden aan illusies.
AI leert van data. Het zoekt patronen, corrigeert fouten en past zich aan.
MD werkt anders. Menselijke domheid leert opvallend slecht van de werkelijkheid. Ze leert vooral van overtuiging, van groepsgevoel, van verhalen die we elkaar blijven vertellen omdat ze prettig klinken of omdat ze macht geven.
En precies daar begint het probleem van onze tijd: we zijn vergeten wat waarde werkelijk is.
We hebben een wereld gebouwd waarin waarde meetbaar moet zijn. Cijfers, grafieken, groeipercentages, beurskoersen. Maar ondertussen gebeurt er iets vreemds.
We kappen bossen en noemen het economische groei.
We pompen olie uit de grond en noemen het welvaart.
We fabriceren wapens en noemen het veiligheid.
Op papier creëren we waarde. In werkelijkheid vernietigen we haar.
Bossen verdwijnen. Ecosystemen breken af. Samenlevingen raken verder verdeeld. Vertrouwen erodeert. Maar omdat het in cijfers stijgt, noemen we het vooruitgang. Dat is misschien wel de grootste collectieve illusie waar we ooit in zijn gaan geloven: dat waarde hetzelfde is als wat we kunnen tellen. AI kan dat inmiddels feilloos doorzien. Een algoritme kan berekenen dat een oorlog economisch irrationeel is. Dat klimaatverandering duurder is dan preventie. Dat samenwerking efficiënter is dan conflict.
Maar AI kan één ding niet doen: beslissen wat wij belangrijk vinden. Dat blijft mensenwerk. En daar komt MD weer om de hoek kijken. Want mensen zijn buitengewoon goed in het verwarren van waarde creëren met waarde verplaatsen – en soms zelfs met waarde vernietigen.
- We verplaatsen geld en noemen het groei.
- We verschuiven macht en noemen het stabiliteit.
- We vernietigen natuur en noemen het ontwikkeling.
Zolang het systeem blijft draaien, blijft de illusie bestaan.
Misschien is dat wel waar AI ons mee confronteert: dat onze grootste problemen niet technisch zijn, maar filosofisch. Niet een gebrek aan intelligentie, maar een gebrek aan helderheid over wat werkelijk waardevol is.
Ik ben in 2013 een sociaal-maatschappelijk kunstzinnig experiment begonnen met biljetten zonder waardeaanduiding. Biljetten van onbepaalde waarde. Ze lijken op geld, maar er staat geen bedrag op. Geen getal dat zegt wat iets waard is. Het idee daarachter is simpel: waarde bestaat niet op zichzelf. Waarde ontstaat in relatie. In context. In vertrouwen. In het besef dat alles onderdeel is van hetzelfde geheel.
Misschien is dat wel de richting waar we naartoe moeten. Niet een wereld waarin AI voor ons beslist, maar een wereld waarin AI ons helpt te zien waar we onszelf voor de gek houden. Waar de werkelijkheid botst met onze modellen. Waar cijfers stijgen maar echte waarde verdwijnt. Waar we verhalen zijn gaan verwarren met waarheid.
Want uiteindelijk staat de mensheid misschien niet tussen AI en MD. Maar tussen realiteit en illusie.
Tussen een wereld waarin waarde wordt beschermd en een wereld waarin waarde wordt opgeofferd aan de verhalen die we onszelf blijven vertellen. AI zal ons daar niet uit redden, maar het kan wel het licht aandoen.
De vraag is alleen of we op dat moment bereid zijn om te kijken.


Onderschat je niet de kwaadaardigheid die in AI zal sluipen omdat de algoritmen door domme, gevoelloze en op winst beluste mensen worden gemaakt,
Een citaat van min zou kunnen zijn:
“De mens is moreel nog niet voldoende geëvolueerd om met recente high-tech om te kunnen gaan”
Sociale media gingen AI hierin al voor.
Beste Ton,
Je vraag raakt precies het kwetsbare punt van deze column. Het korte antwoord is: ja, dat risico wordt vaak onderschat.
AI wordt maar al te vaak voorgesteld als iets neutraals of zelfs objectiefs. Maar algoritmen ontstaan niet, nooit in een moreel vacuüm. Ze worden ontworpen door mensen, gefinancierd door bedrijven en gestuurd door belangen. Als winstmaximalisatie, macht of marktaandeel de dominante drijfveren zijn, sluipen die waarden onvermijdelijk het systeem in.
En ja, dat hebben we eigenlijk al gezien bij sociale media. De algoritmen waren zeker niet ontworpen om waarheid, nuance of menselijke waardigheid te versterken, maar om aandacht te maximaliseren. En aandacht blijkt het makkelijkst te winnen met polarisatie, emotie en conflict. Het resultaat is een systeem dat niet per se kwaad wil, maar wel systematisch gedrag beloont dat maatschappelijke waarde kan ondermijnen.
Met AI kan dat effect nog veel groter worden, omdat deze technologie niet alleen informatie verspreidt, maar ook , een realiteit kan produceren: teksten, beelden, beslissingen en zelfs strategieën.
In die zin sluit jouw citaat daar naadloos op aan:
“De mens is moreel nog niet voldoende geëvolueerd om met recente high-tech om te kunnen gaan.”
De kern van het probleem is dus waarschijnlijk niet AI zelf, maar de morele volwassenheid van de samenleving die haar bouwt. Technologie ontwikkelt zich exponentieel, terwijl ethiek, instituties en collectieve wijsheid veel trager evolueren.
En juist in dat gat – tussen technologische macht en morele rijpheid – kan zowel enorme vooruitgang ontstaan, als enorme schade.